Denekamp

Denekamp

Denekamp vormde de hoofdplaats van de gemeente tot de gemeentelijke herindeling in 2001. Dinkelland heeft minder dan 9.000 inwoners. Het dorp had in 1385 nog de naam Degeninchem, in 1667 was de benaming Degenkamp. Rond 1450 was Denekamp een klein dorp met zo’n 100 huizen die rondom de kerk lagen. De kerk (gewijd aan de heilige Nicolaas) is in de 13e eeuw opgetrokken uit Bentheimer zandsteen en is ook nu nog plaatsbepalend voor het dorpscentrum. De gemeente is in 1818 ontstaan uit het richterambt Ootmarsum  en werd gesplitst in Ootmarsum en Denekamp. De mensen in het dorp waren veelal landbouwer. Geleidelijk aan heeft de landbouw plaats moeten maken voor woning- en winkelbouw. In Denekamp zijn nog twee windkorenmolens te bezichtigen; de Borgelinkmolen en de Sint Nicolaasmolen. In 2001 fuseerde de gemeente met Weerselo en Ootmarsum en verkreeg in 1 juni 2002 de naam Dinkelland.